Fan van de Democratie: wat we in beweging hebben gezet – en wat 2026 van ons vraagt

Wat gebeurt er als mensen uit het maatschappelijk middenveld, de journalistiek, wetenschap, technologie en lokale democratie samenkomen rond één gedeelde overtuiging: dat democratie onderhoud nodig heeft?

Tijdens Fan van de Democratie werd duidelijk hoeveel energie en creativiteit er beschikbaar is om onze democratie te versterken, als we die krachten weten te verbinden.

De conferentie liet zien dat democratische vernieuwing geen abstract ideaal is, maar concreet vorm krijgt: in financiering, in digitale infrastructuur, en juist ook in buurthuizen, raadzalen en bibliotheken. Tegelijkertijd werd voelbaar dat 2026 een kantelpunt kan zijn. Niet om nog meer te analyseren, maar om keuzes te maken.

1. Een Nationaal Fonds voor de Democratie: van idee naar infrastructuur

In de sessie over een Nationaal Fonds voor de Democratie kwam een breed gedeeld inzicht naar voren: democratie versterken vraagt om meer dan losse projecten. Net als in de cultuursector is er behoefte aan een duurzame infrastructuur, met ruimte voor experiment, meerjarige programma’s en langetermijnonderzoek naar wat wel en niet werkt.

Opvallend was de constatering dat juist democratie nu vrijwel volledig afhankelijk is van marktfinanciering, terwijl er geen expliciete overheidsopdracht of structureel budget bestaat. Dat maakt initiatieven kwetsbaar en versnipperd. Tegelijkertijd groeit de belangstelling voor nieuwe vormen van financiering, zoals missiegedreven filantropie, die ruimte bieden om te ontsnappen aan bureaucratie en korte-termijnlogica.

Er werd nadrukkelijk gezocht naar een fondsconstructie die breed gedragen en politiek robuust is: transparant in doel en selectie, met duidelijke kwaliteitscriteria, en zonder directe politieke sturing. Juist de gedachte om publieke, private en Europese middelen te combineren – een soort “Giro 555 voor de Democratie” – biedt perspectief om afhankelijkheid te verminderen en continuïteit te waarborgen.

Richting 2026 ligt hier een duidelijke agenda: bestaande lobby’s en initiatieven bij elkaar brengen, vooronderzoek doen onder financiers en gebruikers, en scherpte aanbrengen in focus, governance en selectiecriteria. Niet nóg een goed idee, maar een volgende stap naar uitvoering.

2. Democratie in het digitale tijdperk: wie heeft de knoppen in handen?

De deelsessie over AI, Big Tech en digitalisering maakte pijnlijk duidelijk hoe groot de democratische inzet is van onze digitale infrastructuur. Journalistiek verdwijnt steeds vaker uit beeld: nieuws wordt samengevat door AI-systemen zonder bronverwijzing, context of verdienmodel. Burgers weten niet meer waar informatie vandaan komt, terwijl commercie bepaalt wat zichtbaar is.

Tegelijkertijd blijkt uit onderzoek dat er wél een democratisch mandaat is om in te grijpen. Burgers willen regulering, transparantie en werkende klachtenmechanismen. Ze zien een belangrijke rol voor maatschappelijke organisaties en onafhankelijke journalistiek, mits die ook daadwerkelijk ondersteund worden.

De roep om een Minister voor Digitale Zaken kwam niet uit de lucht vallen. Niet als technocratische functie, maar als bewaker van digitale autonomie, mensenrechten en een pluriform medialandschap. Digitale soevereiniteit werd nadrukkelijk verbonden aan onderwijs, energie, klimaat en democratische cultuur.

De conclusies waren helder: beleid op media en technologie kan niet langer gescheiden worden. Europa moet sneller en scherper reguleren, maar ook investeren in open source en publiek-eigendom alternatieven. Niet alleen om Big Tech te beteugelen, maar om een digitaal ecosysteem te bouwen dat past bij democratische waarden.

3. Lokale democratie als leerschool – en motor

Misschien wel het meest hoopgevend was de sessie over een landelijk stimuleringsprogramma voor lokale democratie. Hier werd zichtbaar hoe dicht democratische vernieuwing bij mensen kan beginnen, en hoe groot het effect daarvan kan zijn.

Lokale democratie werd neergezet als de leerschool van de democratie: de plek waar burgerberaden, bewonersagenda’s, uitdaagrechten en democratische dialogen niet alleen worden bedacht, maar ook echt uitgeprobeerd. Tegelijkertijd werd onderkend hoe vaak actieve bewoners en raadsleden vastlopen in systemen die niet voor hen zijn ontworpen.

De ideeën varieerden van een raadsledennetwerk en democratiescans tot fysieke ontmoetingsplekken, een maatschappelijke bank en zelfs een “AI-voordeurfunctie” die bewoners helpt hun initiatief te vertalen naar ambtelijke taal. Steeds keerde dezelfde vraag terug: hoe bereiken we de stille stem, zonder haar te overschreeuwen of te instrumentaliseren?

Wat hier samenkwam, was een bredere visie: niet toewerken naar een volgend regeerakkoord, maar naar een maatschappelijk akkoord, waarin overheid en samenleving samen verantwoordelijkheid dragen voor democratische vernieuwing.

Voor 2026 betekent dit: focus aanbrengen, doorbraakprojecten kiezen en opschalen wat lokaal werkt. Met het oog op de gemeenteraadsverkiezingen ligt er een kans om democratie niet als bijzaak, maar als kernonderwerp te positioneren.

Vooruitblik: van enthousiasme naar uitvoering

Fan van de Democratie liet zien dat de bouwstenen er zijn: ideeën, mensen, urgentie en voorbeelden. De uitdaging voor 2026 is om die samen te brengen in duurzame structuren, met voldoende lef om te kiezen en voldoende breedte om te verbinden.

Niet omdat de democratie “stuk” is, maar omdat ze het waard is om te onderhouden, te vernieuwen en door te geven. Daarvoor ben je fan van de democratie!

Foto’s door Emmy de Fotograaf

Op de hoogte blijven?

Schrijf je in voor de democratie update